Stichting Duurzame Bedrijventerreinen onderzoekt mogelijkheden waterstof

Stichting Duurzame Bedrijventerreinen onderzoekt mogelijkheden waterstof

Zoals zijn overgrootvader begin vorige eeuw al een vooruitziende blik had en naast zijn kruidenierszaak een oliehandel begon, snijdt nu de vierde generatie een nieuwe markt aan. Gerbert Vissers opent dit voorjaar in Horst het eerste waterstoftankstation van Limburg. Het doel: de markt op gang brengen. Ook Stichting Duurzame Bedrijventerreinen zet stappen om verschillende mogelijkheden met waterstof te onderzoeken.

Door Wesley Hegge

Er wordt al jaren gesproken over waterstof, maar er gebeurt weinig concreets. ‘Er liggen waterstoftankstations in Arnhem en Veldhoven, verder is er in het zuiden van Nederland niets te vinden’, begint Gerbert Vissers te vertellen. ‘Ter vergelijking: in Duitsland liggen er naar schatting al meer dan honderd. Gezien de vele voordelen van waterstof wil ik in de periode tot en met 2025 in totaal vijf waterstoftankstations realiseren.’

Nieuwe markt
Het eerste waterstoftankstation uit die serie wordt dit voorjaar in gebruik genomen. Een heuse primeur: het eerste in Limburg. Vissers: ‘De pomp wordt toegevoegd aan het bestaande tankstation dat naast ons hoofdkantoor in Horst ligt. Ik rijd zelf in een waterstofauto, maar dat is nu nog een zeldzaamheid. We willen hiermee gaan testen met verschillende bedrijfsmiddelen zoals vrachtwagens, veegmachines, heftrucks en vuilniswagens.’

Hoewel Vissers niet direct drukte aan de pomp voorziet, zijn de verwachtingen voor de lange termijn hooggespannen. ‘In 2017 bestonden we honderd jaar. Toen hebben we de naam Vissers Olie veranderd in Vissers Energy Group en het deel van het bedrijf verkocht dat fossiele brandstoffen levert aan de transport- en agrarische sector. We zijn ons vol gaan focussen op de tankstations. Met onze 51 tankstations zetten we in op shopconcepten. Tegelijkertijd zijn we richting de toekomst bezig de tankstations om te vormen van fossiele brandstoffen naar duurzame alternatieven.’

Dat kan niet in één keer. Als tussenstap worden zogenaamde transitiebrandstoffen, zoals blauwe diesel en groen gas (bio-CNG), aangeboden. Vissers: ‘Dit zijn geen eindoplossingen. De toekomst van mobiliteit is gericht op zero-emissie. Dat kun je alleen bereiken met elektriciteit en waterstof. Elke maand voegen we snelladers toe aan onze tankstations. Mensen zijn

het gewend om snel door te kunnen rijden. Dat is ook meteen het voordeel van waterstof ten opzichte van elektriciteit: dat gaat sowieso snel. De tank van mijn waterstofauto heb ik binnen vijf minuten vol, vergelijkbaar met gas. Bij elektrische auto’s moet je je reizen plannen. Met waterstof hoeft dat niet. Voorwaarde is uiteraard wel dat er een netwerk van waterstoftankstations komt. We willen daarom meer waterstoftankstations realiseren in Limburg, waaronder een station in Venlo dat geschikt is voor personenwagens en vrachtwagens. Daarover lopen nu gesprekken.’

Overtuigen
De komende tijd is het zijn bedoeling de consumenten te overtuigen van de voordelen. ‘Maar ook vooral om de bedrijven zover te krijgen om op waterstof te gaan rijden. Aan de reacties op social media merk ik dat er veel interesse is als ik iets over het onderwerp plaats. Veel mensen denken overigens dat waterstof betrekking heeft op de verbrandingsmotor, maar een waterstofauto rijdt ook elektrisch. De manier van opslaan is alleen anders: een waterstoftank in plaats van een accu.’

Door de compacte manier van opslag biedt waterstof voordelen ten opzichte van accu’s. Dat maakt de techniek interessant voor andere toepassingen, bijvoorbeeld op het gebied van energiestromen op bedrijventerreinen. ‘Wanneer je zonne- of windenergie opwekt en die energie vervolgens wilt opslaan, biedt het uitkomst’, zegt Jacko D’Agnolo, projectleider Duurzame Bedrijventerreinen. De stichting wil op de Venlose bedrijventerreinen door projectsamenwerking kansen op verduurzaming benutten (en wordt mogelijk gemaakt door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling van de Europese Unie en de provincie Limburg). ‘Veel ondernemers zetten in op het duurzaam opwekken van energie, maar kunnen dat vanwege congestie niet kwijt op het elektriciteitsnet.’

Opslag is de grote uitdaging voor de toekomst. D’Agnolo: ‘Met accu’s is dat lastig. Je hebt enorme accupakketten nodig. Met alleen accu’s kom je er niet. Je moet inzetten op een scala aan verschillende technologieën, gebundeld op één centrale plek. We gaan daarom samen met de provincie Limburg en de Limburgse Rabobanken een haalbaarheidsstudie doen naar de kansen van een zogeheten local energy hub.’

Combinatie
Zo’n local energy hub is een schakelpunt waarmee het potentieel van verschillende vormen van duurzame energie direct aan afnemers wordt gekoppeld. D’Agnolo verduidelijkt: ‘Het is een locatie met zowel een waterstofstation als een batterijopslag. Daar kunnen voertuigen voorzien worden van beide soorten duurzame energie. Het eventuele surplus wordt aangeboden op een marktplaats. Zo wordt er zoveel mogelijk energie lokaal benut. De haalbaarheidsstudie moet aantonen waar een omgeving aan moet voldoen om een businesscase te maken. Dat hoeft niet per se in Venlo te zijn, het onderzoek is provinciebreed.’

Juist de combinatie van elektriciteit en waterstof biedt een grote meerwaarde, zo weet ook Vissers. ‘In de toekomst gaan alle zware voertuigen die lange afstanden afleggen op waterstof rijden. Lichte bedrijfswagens die kortere afstanden in stedelijke gebieden rijden, worden elektrisch. Een accu neemt namelijk veel ruimte in beslag en dat betekent minder ruimte en minder laadvermogen bij een vrachtwagen. In 2030 rijden er over de A67 van Antwerpen naar het Ruhrgebied waterstofvrachtwagens. Aan de rand van steden gaat dat over op elektrische truckjes.’

Zover is het nog niet. Vissers: ‘Waterstof staat nog in de kinderschoenen. Ik probeer de markt op gang te brengen. De kostprijs voor de productie van waterstofvrachtwagens is nu nog hoog. Dus de overheid zal ook subsidies beschikbaar moeten stellen om ondernemers die willen investeren in duurzame voertuigen over de streep te trekken. Er zijn diverse mogelijkheden om subsidies te verkrijgen, maar die zullen de komende jaren moeten uitbreiden. Uiteindelijk, daarom investeer ik ook in waterstof, wordt de kostprijs van waterstofvrachtwagens als ze in massaproductie gaan net zo hoog als die van dieselvrachtwagens. Het kan dus prima gaan concurreren met het bestaande aanbod.’

Meer weten? Neem dan contact op met Gerbert Vissers of Jacko D’Agnolo.

Translate »